home

‘Optimaal in ontwikkeling’: realiteit of vooralsnog een lonkend perspectief?

“Wij brengen de leerlingen optimaal in ontwikkeling.” Maar… eerlijk… doe je dat? 

Je hebt zicht op de onderwijsbehoefte, volgt de ontwikkeling, toetst je doelen en baseert je instructie en begeleiding op die analyses. Dus krijgt de leerling die gemiddeld scoort, het basisaanbod. Zoals je methode dat heeft beschreven. Leerlingen die de doelen nog niet helemaal hebben behaald krijgen het aanbod voor de ‘minder sterke leerling’. De kinderen met een hoge score geven we het plusaanbod. We toetsen met onafhankelijke toetsen en stellen vast dat de leerling zich naar verwachting ontwikkelt.

Is dat ‘optimale ontwikkeling’? Weet je of het maximale uit je leerlingen hebt gehaald? Is het basisaanbod van de methode, het basisaanbod dat past bij jouw groep? Zijn de normen van de toetsen, ook de ambitieuze en realistische normen die passen bij jouw school?

De inspectie stelt met ingang van het nieuwe schooljaar op basis van de nieuwe schoolweging vast of je met de populatie van jouw school passende referentieniveaus behaalt. Dat vraagt scholen met een kritische blik te kijken naar de resultaten op schoolniveau en naar het aanbod in de klassen. En zal leiden tot het formuleren van schoolnormen en vaststellen van beredeneerd onderwijsaanbod in de klas. 

‘Optimaal in ontwikkeling’: bij jou al realiteit of nog een lonkend perspectief?  Fenom is benieuwd en denkt graag met je mee!

#onderwijsresultatenmodel #referentieniveaus #FocusPO #beredeneerdaanbod #fenom #ontwikkelkracht #schoolweging